Data Platform

Clutch Shooting: data analyse en probleemoplossing in de autosport

Een van mijn hobby’s is het volgen van diverse autosporten. Als er één sport data driven kan worden genoemd dan is het wel autosport. Duizenden sensors slaan tijdens trainingen, kwalificaties en races informatie op, die weer terug wordt gezonden naar de pits van de teams, waar men kan uitlezen hoe de auto onder alle omstandigheden presteert: motor performance, bochtengedrag, bandenslijtage, etc. Formule 1 teams hebben zelfs een complete “remote garage” in hun fabriek waar men aan de hand van de beschikbare data door kan rekenen hoe lang de banden het volhouden, of het team beter één pitstop kan maken in plaats van twee en of die plotselinge verhoging in temperatuur een motorprobleem voorspelt. Al die gegevens zijn met speciaal ontwikkelde software uit te lezen (zie een voorbeeld van zo’n loggingchart hier.

Ik schrijf sinds de afgelopen jaren geregeld raceverslagen over de Formula 2, een race klasse die als opstapklasse dient voor de Formula 1 en daarom simpeler is van opzet. De auto’s zijn voor ieder team hetzelfde en worden gebouwd door Dallara met gestandaardiseerde onderdelen die voor iedereen hetzelfde zijn. Het komt dus helemaal op de coureurs en de engineers van een team neer hoe goed of slecht een team presteert. De klasse vormt een mooie mix van talenten die door grote F1-teams worden gepusht en paydrivers die van mindere kwaliteit zijn, maar wel een dikke geldbuidel hebben.

Update van de F2

Dit seizoen heeft de F2 een update gedaan om beter aan te sluiten bij de eisen die aan een F1 rijder in spè gesteld worden. Men besloot net zoals in de F1 auto’s te gebruiken die turbo motoren en een DRS vleugel die bij het openklappen 10km/h extra snelheid geeft. Ook heeft men de halo-rolbeugel overgenomen die coureurs tegen ernstige ongelukken moet beschermen. Helaas is een compleet telemetrie systeem dat live data uitleest in deze klasse verboden, maar er is wel een datalogger in de auto’s geïnstalleerd die met speciale software door de fabrikant (Dallara) is uit lezen.

Starten is als een kans in de loterij

Dit jaar viel één detail enorm op tijdens de races, want coureurs klaagden vrij snel over één aspect van de nieuwe Dallara F2, de koppeling. Hardware voor dit systeem wordt geleverd door ZF Sachs, een Duits bedrijf dat veel ervaring heeft in de autosport en voor meerdere categorieën (F1, F3, Le Mans Series, WRC) onderdelen kan aanleveren. Toch vielen bijna elke start meerdere auto’s stil met een afgeslagen motor. Er zit geen startmotor op een formule auto, dus in het beste geval konden coureurs hun auto na in de pits te zijn geduwd weer aan de praat krijgen. Punten waren in dat geval ver uit zicht. Het maakte de start van de race voor veel coureurs tot een loterij en niet iedereen kon met die druk overweg, zoals een radio comment van Arjun Maini helaas treffend illustreerde.

Dataanalyse als helpende hand

Na die rant en een gesprek tussen teams en de F2 organisatie werd de zaak onderzocht door de flashcards van de dataloggers door Dallara te laten uitlezen. Niet alleen kwam uit data-analyse en coureurfeedback naar voren dat de koppeling heel weinig speling had, maar de samenwerking tussen hard – en software verliep slecht. In ‘single seater’ raceauto’s wordt al jaren gebruikt gemaakt van een semi automatische bak met schakelflippers. Een pook of koppelingspedaal zul je niet aantreffen, wel een extra koppelingshendel op het stuur. De software die moet voorkomen dat de coureur teveel toeren maakt en de motor opblaast zou de hoeveelheid toeren té strikt managen waardoor motoren vaak nét te weinig toeren maken. Daardoor vergissen coureurs zich in het drukpunt van de koppeling. De ene keer maken ze te weinig toeren en laten de motor afslaan, volgende keer compenseren ze dat door teveel toeren te maken en je krijgt een langzame start met veel wielspin. Typerend was bijvoorbeeld de tweede race in Baku, waar de twee auto’s van MP Motorsport op de eerste rij  nauwelijks wegkwamen en daarnaast nog vier auto’s bleven staan (ongeveer na twee minuten in dit filmpje https://www.youtube.com/watch?v=NQkooZETgSQ )

Er werd gesuggereerd dat alleen de software opnieuw gecalibreerd moest worden, maar na verdere tests bleek een compleet nieuw koppelingshuis nodig om de speling te vergroten. Verder was uit te lezen dat een aantal coureurs die vroeger in de World Series by Renault (WSR) hadden gereden geen problemen hadden met de koppeling. De WSR auto gebruikte namelijk een uniek systeem op perslucht waarbij het heel belangrijk was de druk hoog te houden, waardoor ze bijna altijd iets meer toeren maakten dan hun collega’s die uit de GP3 of F3 klasse waren ingestroomd, waar de auto’s standaard techniek gebruikten.

Twee weekends moest de F2 om het probleem heen lopen door de staande start te vervangen door een rollende start. Met de introductie van een nieuw koppelingshuis en opnieuw gecalibreerde software verliep de start voor beide races in Hongarije afgelopen weekend zonder problemen en won met Nyck de Vries zowaar een Nederlander de race.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *